Wet passend onderwijs

De Wet passend onderwijs heeft als doel dat alle kinderen een plek kunnen krijgen op een school die bij hen past en waar zij zich verder kunnen ontwikkelen. Ook voor kinderen die hierbij ondersteuning nodig hebben. Scholen hebben een zorgplicht. Dat betekent dat zij elke leerling die zich aanmeldt op hun school een zo goed mogelijk passend aanbod van onderwijs moeten aanbieden. In dit filmpje wordt het idee achter passend onderwijs uitgelegd:

Scholen werken in samenwerkingsverbanden samen om er regionaal voor te zorgen dat er genoeg aanbod is voor passend onderwijs voor leerlingen die dat nodig hebben. De samenwerkingsverbanden krijgen geld en verdelen dit onder de verschillende scholen in de regio. Scholen kunnen van dit geld bijvoorbeeld extra begeleiding betalen voor leerlingen die dat nodig hebben. Samenwerkingsverbanden zijn verplicht een ondersteuningsplan op te stellen. In dit ondersteuningsplan moet onder andere zijn opgenomen hoe het budget verdeeld is, hoe de extra ondersteuning georganiseerd is binnen én tussen de scholen van het samenwerkingsverband.

In dit filmpje wordt het idee achter passend onderwijs uitgelegd en de verschillende modellen. Kijk er even rustig naar. Het filmpje is gemaakt door een aanbieder, die als zodanig wel bepaalde belangen heeft, maar de informatie is helemaal juist!

Waarschijnlijk heb je nu wel een beetje een beeld waarom het allemaal zo verschillend georganiseerd is en zo moeilijk te begrijpen is. ????

Wet passend onderwijs en de Jeugdwet

De scheidslijn tussen de zorgplicht die scholen hebben (Wet passend onderwijs) en de jeugdhulpplicht (Jeugdwet) is niet altijd even duidelijk.
Gaat het om de ondersteuning van een jeugdige die zich primair richt op het leerproces op school? Dan valt dit onder de Wet passend onderwijs. Primair gericht betekent dat het zich hoofdzakelijk richt op het onderwijs, maar dat het wel degelijk effecten kan/mag hebben op andere leefgebieden.
Een aantal voorbeelden hiervan zijn:

  • Speltherapie die wordt ingezet om leerproblemen aan te pakken
  • Remedial teaching
  • Aanschaffen van aangepast lesmateriaal (bv. Braille-leerboek).

Gaat het om ondersteuning die geen directe relatie heeft met het leerproces, maar wel op school plaats moet vinden? Dan kan dit onder de Jeugdwet vallen.

Dit onderscheid klinkt best logisch, maar.. Je zit ook met een kip en het ei verhaal. Ligt de oorzaak van de leerproblemen binnen of buiten school? Soms moet je buiten school iets doen, zodat het op school beter gaat. Maar wanneer is het dan niet meer ‘primair’ gericht op het onderwijs en is verbetering van het onderwijs dan een ‘bijeffect’? Waar ligt die scheidslijn? Dat blijft lastig.

Een aantal voorbeelden waar het knelt in de praktijk

  1. Laten we hoofdbegaafdheid eens als voorbeeld nemen. Het is geen stoornis, dus het valt in principe niet onder de Jeugdwet, maar het maakt het wel lastig om passend onderwijs te bieden. Kinderen die hoogbegaafd zijn raken verveeld en vallen mogelijk zelfs uit. Dat leidt dan weer tot andere problemen die onder de JW opgepakt moeten worden. Echter, de kern van het probleem kan de gemeente niet aanpakken, namelijk passend uitdagend onderwijs bieden. In de praktijk is dit dus een lastige kwestie, omdat men het niet eens wordt over wat nu de kern van het probleem is.
  2. Verder kan je met meerdere samenwerkingsverbanden te maken hebben binnen je gemeente. Dat komt omdat het voortgezet onderwijs een ander samenwerkingsverband heeft dan het primair onderwijs. Vooral als jouw gemeente net helemaal aan de rand van het werkgebied van het samenwerkingsverband lig kan het nog wel eens lastig zijn om goed in beeld te komen als (kleinere) gemeente.

Zoals je ziet zitten er dus heel veel grijze vlakken tussen de Jeugdwet en de Wet passend onderwijs. Kwade tongen beweren zelfs dat door de wetgever expres is gedaan, omdat die wilde dat scholen en gemeenten in samenwerking de afspraken zou maken.

De praktijk is lastig. Het gebeurt regelmatig dat de situatie op school al behoorlijk is geëscaleerd voor er hulp vanuit de gemeente gevraagd wordt. Hierdoor is het soms moeilijk om het tij nog te keren. Samenwerking tussen de gemeente en het samenwerkingsverband is hierin dus heel belangrijk.

Filosofiemomentje: School en kind in de knel?

We zien dat steeds meer dat ouders van kinderen een goede ‘score’ verwachten (denk aan de training voor de cito) en dat scholen heel veel administratieve monitoring moeten doen als het gaat om het volgen van de prestaties van een kind. Daar tegenover staat het doel van de Jeugdwet: normaliseren en demedicaliseren. Dus juist niet problematiseren en niet direct gaan kijken of er een diagnose is.

Hoe kijk jij tegen deze maatschappelijke tendens aan? Denk eens na over alle belangen:

  • Kinderen
  • School
  • Ouders
  • Jeugdhulpverlening
  • Gemeente als financier

Ingewikkeld hè?


  • Ik weet wat het doel van passend onderwijs is.
  • Ik ken de functie van de Samenwerkingsverbanden.
  • Ik begrijp enigszins waar de ‘strijd’ tussen scholen en de gemeente vandaan komt over de vraag wie de ondersteuning voor een kind moet betalen.

Alemke van Baren

Alemke weet in ieder mens het beste te zien en naar boven te halen. Haar missie; dat professionals stevig in hun schoenen staan en met plezier aan het werk zijn!

Als coördinator leren en ontwikkelen denkt ze graag met jou mee wat passend is bij jouw team. Een workshop, integrale dag of wil je liever een compleet opleidingsplan met uitgewerkte leerlijn?

Daarnaast coacht zij, begeleid intervisie en verzorgt diverse workshops. Een ondernemend en creatief type die naast Yong een eigen praktijk runt.  

Femke Masselink

Femke weet als geen ander de Jeugdwet van papier naar het gesprek aan de keukentafel te vertalen. Vanuit haar rollen als jeugdprofessional, kwaliteitsmedewerker, projectleider en coördinator kent zij het hele jeugdveld. 

Zij leidt jeugdprofessionals op ‘on the job’. Daarnaast deelt zij haar kennis als trainer vanuit Yong, de Bestuursacademie en Schulinck 

Maaike Ariaans

Maaike landde toevallig bij de Participatiewet, maar wilde daarna niets anders. Een mens met hart voor deze wet. In haar rollen binnen inkomen, minima, inburgering, de toeslagenaffaire, Tozo en ga zo nog even door heeft zij zich binnen dit veld gespecialiseerd. 

Naast haar coördinerende rollen binnen de Participatiewet, draagt ze haar expertise over als trainer bij Yong en de Bestuursacademie. 

Lars Vermeulen

Lars brengt kennis over op een enthousiaste en speelse manier. Ervaring binnen de PW, Inburgering, Wmo en Jeugd maken Lars een echte all-rounder die goed de verbanden binnen het sociaal domein weet te leggen.

Momenteel geeft Lars trainingen op het gebied van de Participatiewet, Inburgering en Wmo en versterkt als integraal kwaliteitsmedewerker diverse teams binnen de gemeente.

Heleen Vermeulen

Sta je open voor een stevige portie zelfreflectie met een vleugje humor? Dan ben je bij Heleen aan het juiste adres. 

Zij heeft veel ervaring met het werken in een politiek sensitieve omgeving en coacht dan ook graag teamleiders en beleidsmedewerkers om stevig in hun schoenen te staan en leiderschap te tonen. 

 Daarnaast geeft zij trainingen vanuit Yong over integraal werken en adviseurschap. 

Irma Ramackers

Irma is een wandelende encyclopedie die uit haar hoofd de betreffende wettekst weet op te lepelen. Stel een vraag en je krijgt een kloppend antwoord. Niet voor niets geeft zij sinds jaar en dag trainingen over de Participatiewet, Wmo en integraal werken. Zij neemt geen blad voor de mond, en stelt jou de vraag waarmee je net dat stapje verder komt. 

Irma werkt als teamleider in het sociaal domein, coacht jonge professionals en verzorgt diverse trainingen voor Yong.