Vanaf januari 2017 is er een tweede route voor toegang tot het doelgroepenregister. Dit is de praktijkroute en deze loopt via de gemeente. Via de Praktijkroute wordt op een concrete werkplek vastgesteld of iemand vanwege zijn/haar beperkingen zelf in staat is om het Wml te verdienen. Dit gebeurt door middel van het bepalen van de loonwaarde op de werkplek. Wanneer de loonwaarde minder is dan 100 %, dan kan iemand niet zelfstandig het Wml verdienen. Deze persoon wordt dan opgenomen in het doelgroepenregister. Het is dan niet meer nodig om dit te laten beoordelen door het UWV.
Het UWV moet in bepaalde situaties nog wel onderzoek doen of iemand in het doelgroepenregister moet worden opgenomen. Wanneer dat nog niet duidelijk is kan er een forfaitaire loonkostensubsidie worden verstrekt. Dat is standaard 50% van het Wml gedurende maximaal de eerste 6 maanden van het dienstverband. Er heeft in deze gevallen nog geen loonwaardemeting plaatsgevonden. Werknemers die al vóór 1 januari 2017 werken met loonkostensubsidie, behoren vanaf die datum ook tot de doelgroep voor de banenafspraak en kunnen via de gemeente bij het UWV worden aangemeld voor opname in het doelgroepenregister. Dit werkt terug tot 1 januari 2013, de datum van de nulmeting. Iemand die vanaf die datum bij een reguliere werkgever is gaan werken met loonkostensubsidie behoort tot de doelgroep en kan ook achteraf worden opgenomen in het doelgroepenregister. De toegang wordt ook dan beoordeeld door het UWV.
