Zoals je net al hebt gelezen, wordt er bij het vaststellen van de uitkering rekening gehouden met wie je woont. De reden hiervan is dat als je samenwoont je de kosten van levensonderhoud kunt delen met anderen. Denk hierbij aan kosten voor huur, gas/water/licht, boodschappen enzovoort. Hierdoor heb je minder geld nodig dan iemand die alleen woont. Met behulp van een formule wordt dit doorberekend in de hoogte van de uitkering. Dit heet de kostendelersnorm. Het uitgangspunt is: met hoe meer mensen je woont, hoe minder hoog het bedrag van de uitkering wordt. Maar niet alle mensen met wie je woont worden meegerekend.
Het uitgangspunt bij de kostendelersnorm is dat in principe iedere medebewoner vanaf 21 jaar wordt meegenomen.
Maar, er zijn ook uitzonderingen. Dit is geregeld in Artikel 19a Participatiewet:

De wijze van berekening van de kostendelersnorm is vastgelegd in de Participatiewet. Het is voor jou als consulent niet nodig om dit zelf te berekenen. De kostendelersnormen naar aantal personen huishouden vind je HIER.
De formule voor kostendeling is: ((40% + A x 30%) X B) / A
A = aantal kostendelers (inclusief aanvrager)
B = van toepassing zijnde norm